FOX HARDTOP® FF300 is een ééncomponent, gekleurd en gebruiksklaar oppervlakteverhardingsmiddel, samengesteld uit cement, speciaal geselecteerd kwartsaggregaat, pigment en toeslagstoffen, dat in poedervorm wordt gestrooid op vers afgewerkte beton- en dekvloeroppervlakken. Het voldoet aan de eisen van TS EN 13813:2004 CT-C50-F7-A12.

Kleurenpalet

Speciale Kleur

Verpakking

25 kg
TDS

Productbeschrijving

FOX HARDTOP® FF300 is een ééncomponent, gekleurd en gebruiksklaar poeder oppervlakteverhardingsmiddel, samengesteld uit cement, speciaal geselecteerd kwartsaggregaat, pigment en toeslagstoffen. Het wordt direct in poedervorm gestrooid op vers afgewerkte beton- en dekvloeroppervlakken. Dankzij de gemodificeerde polymeren in de samenstelling absorbeert het product het aanwezige water uit het vloerbeton en vormt het na het afwerken een monolithische structuur met het beton. Hierdoor wordt stofvorming aan het oppervlak voorkomen en wordt een vloer verkregen die 2 tot 4 keer duurzamer is dan een normaal betonoppervlak. Het product voldoet aan de eisen van TS EN 13813:2004 CT-C50-F7-A12 en kan betrouwbaar worden toegepast in industriële vloerafwerkingen met een druksterkte van 50-60 N/mm², een buigsterkte van 7,5 N/mm² en een slijtvastheid van 7,5 cm³/50cm². Het product is ook verkrijgbaar in Naturel Grijs, Antraciet, Groen, Rood en Speciale Kleur voor esthetische oplossingen.

Voordelen

  • Eenvoudig aan te brengen.
  • Het behandelde oppervlak is 2 tot 4 keer duurzamer dan een normaal betonoppervlak.
  • Dankzij de gemodificeerde polymeren absorbeert het product het water uit het vloerbeton en vormt het na het afwerken een monolithische structuur met het beton.
  • Voorkomt stofvorming aan het oppervlak.
  • Verkrijgbaar in meerdere kleuropties.
  • Eenvoudiger te reinigen dan een normaal betonoppervlak.
  • Bestand tegen vorst-dooicycli.
EigenschapWaarde
SamenstellingSpeciaal cement, gemodificeerd polymeer, pigment en kwartsaggregaat
KleurNaturel Grijs, Antraciet, Groen, Rood, Speciale Kleur
Druksterkte (EN 13892-2)50-60 N/mm² (C50)
Buigsterkte (EN 13892-2)7,5 N/mm² (F7)
Slijtvastheid (EN 13892-3)7,5 cm³/50cm² (A12)
Brandreactie (EN 13501-1)A1fl
Elasticiteitsmodulus (EN 13412)22900 N/mm²
MOHs Hardheid7
Ontwerpdikte2,5 mm
Ondergrondtemperatuur bij verwerking+5°C / +30°C
Gebruikstemperatuur-20°C / +80°C
Houdbaarheid12 maanden (in originele verpakking, opgeslagen tussen +5°C – +30°C)
Toepasselijke normTS EN 13813:2004 CT-C50-F7-A12

Toepassingsgebieden

  • Binnen- en buitenruimten
  • Magazijnen en hangars
  • Garages
  • Open en overdekte parkeerterreinen
  • Winkelcentra en openbare ruimten
  • Fabrieken en werkplaatsen

Verwerkingsstappen

  1. 1

    Ondergrondvoorbereiding

    De druksterkte van het te behandelen beton moet minimaal 25 N/mm² (C25) bedragen. De slump-waarden van het beton moeten tussen 75-100 mm liggen, het cementgehalte moet 300-350 kg/m³ zijn en de vloerdikte moet minimaal 15 cm bedragen. Luchtbellenrijke betonnen zijn niet geschikt voor deze toepassing.

  2. 2

    Primerlaag aanbrengen

    Bij monolithische dekvloertoepassingen moet FOX BINDER FM125 als primer worden aangebracht op het opgeruwd betonoppervlak vóór het storten, om hechting tussen het oude beton en de dekvloer te waarborgen. Bij zwevende dekvloertoepassingen moet een polyethyleenfolie op het oude beton worden aangebracht.

  3. 3

    Voorbereiding van de voegenranden

    Vóór de verwerking moeten de voegenranden bij de ankers worden ingekort door een betonstrook van circa 5x5 cm te zagen en met een spaan te verwijderen. De ontstane holtes moeten worden gevuld met FOX HARDTOP® FF300 aangemengd met weinig water tot een mortelconsistentie, om breuk van de voegenranden onder belasting te voorkomen.

  4. 4

    Strooien van het oppervlakteverhardingsmiddel (1e fase)

    Begin met strooien zodra het beton bij betreding een voetafdruk van ongeveer 0,5–1,5 cm diepte achterlaat. Strooi 2/3 van de totale hoeveelheid zo gelijkmatig en homogeen mogelijk over het oppervlak en vlak bij met een sleepbalk. Strooi niet over grote afstanden om segregatie van het aggregaat te voorkomen.

  5. 5

    Schijfafwerking (1e fase)

    Wacht tot het materiaal het water uit het beton heeft geabsorbeerd en van kleur is veranderd, en voer vervolgens een schijfafwerking (helikopterschijfafwerking) uit om het oppervlakteverhardingsmiddel te integreren met het beton.

  6. 6

    Strooien van het oppervlakteverhardingsmiddel (2e fase)

    Het resterende 1/3 van het materiaal wordt op dezelfde wijze over het oppervlak gestrooid en opnieuw wordt een schijfafwerking uitgevoerd. Overtollig materiaal dat tijdens het afwerken naar buiten komt, moet met een spatel worden verwijderd.

  7. 7

    Fijnafwerking (mesafwerking)

    Tot slot wordt een fijnafwerking (mesafwerking) uitgevoerd totdat het oppervlak de gewenste glansgraad heeft bereikt.

  8. 8

    Nabehandeling en voegen zagen

    Na voltooiing van de verwerking moet een nabehandelingsmiddel worden aangebracht om scheuren en stofvorming te voorkomen. Nabehandeling is verplicht onder zowel zomer- als winteromstandigheden. Nadat het beton voldoende is uitgehard, moeten op de verbindingsplaatsen dilatatievoegen van minimaal 4 mm breed worden gezaagd en gevuld met PU-mastiek.

  9. 9

    Reiniging van gereedschappen

    Gebruikte gereedschappen en apparatuur moeten direct na gebruik met water worden gereinigd. Na uitharding van het product kan het alleen mechanisch worden verwijderd.

Kritiek

Na het aanbrengen moet een nabehandelingsmiddel worden aangebracht om scheuren en stofvorming te voorkomen. Nabehandeling is zowel in de zomer als in de winter verplicht.

Kritiek

Nadat het beton voldoende is uitgehard, moeten op de verbindingsplaatsen dilatatievoegen van minimaal 4 mm breed worden gezaagd. Om scheuren en stofvorming te voorkomen, moeten deze voegen worden gevuld met PU-mastiek.

Belangrijk

Om segregatie van de aggregaten in het product te voorkomen, mag het niet over grote afstanden worden gestrooid.

Kritiek

Begin met strooien zodra het beton voldoende is uitgehard zodat er bij betreding een voetafdruk van ongeveer 0,5–1,5 cm diepte achterblijft.

Belangrijk

Bij warm weer moet de verwerking snel worden uitgevoerd; bij koud weer moet rekening worden gehouden met een langere bindingstijd.

Kritiek

Luchtbellenrijke betonnen zijn niet geschikt voor de toepassing van oppervlakteverhardingsmiddelen.

Belangrijk

De druksterkte van het te behandelen beton moet minimaal 25 N/mm² (C25) bedragen. De slump-waarden van het beton moeten tussen 75-100 mm liggen.

Belangrijk

De vloerdikte moet minimaal 15 cm bedragen en het cementgehalte van het beton moet 300-350 kg/m³ zijn.

Belangrijk

Bij correcte opslag op kamertemperatuur, uit direct zonlicht, tussen +5°C en +30°C, bedraagt de houdbaarheid 12 maanden. Geopende verpakkingen moeten binnen 1 week worden verbruikt.

Belangrijk

Bewaren in de originele ongeopende verpakking, op een koele en droge plaats, beschermd tegen vorst. Bij kortdurende opslag mogen maximaal 3 pallets op elkaar worden gestapeld.

Kritiek

Draag tijdens de verwerking werkkleding, beschermende handschoenen, een veiligheidsbril en een masker. Vermijd contact met huid en ogen; bij contact grondig afspoelen met water en zeep.

Kritiek

Bij inslikken onmiddellijk een arts raadplegen. Buiten bereik van kinderen bewaren.

Kritiek

Open vuur in de buurt van opslag- en verwerkingsruimten is gevaarlijk; ruimten moeten goed worden geventileerd.

Informatie

FOX HARDTOP® FF300 kan na uitharding alleen mechanisch van het oppervlak worden verwijderd. Gereedschappen en apparatuur moeten direct na gebruik met water worden gereinigd.

Informatie

De bovenstaande technische waarden zijn opgegeven bij +23°C en 50% relatieve luchtvochtigheid. Hogere temperaturen verkorten de tijd, lagere temperaturen verlengen de tijd.